Ton Keunen over zijn weg naar het grote toneel - Musical Reports

Ton Keunen over zijn weg naar het grote toneel

Ton Keunen gooide het vijf jaar geleden over een heel andere boeg, van het bedrijfsleven maakte hij de overstap naar zijn langgekoesterde droom: musical. Een niet alledaagse carrieremove. Na zijn eerste musical Dirty Dancing was hij een seizoen lang te zien in Mamma Mia!. Hoe verging het hem het afgelopen jaar en hoe ervaarde hij een seizoen lang Mamma Mia!? Musicalreports sprak met hem over zijn weg naar het toneel.

Wat: Diepte interview 
Wie: Ton Keunen
Wanneer: Juni 2010
Waar: Amsterdam
Door: Robin Streppel

Hoe heb je het afgelopen musicalseizoen ervaren?
“De cast van Mamma Mia! is een erg leuke groep; ik heb een jaar lang gewerkt met stuk voor stuk aardige mensen. Het is een groep vol met kwaliteit. Doordat op een gegeven moment onze resident director (Barend van Zon) Joseph ging doen was er sprake van een zelfreinigend vermogen, men vult elkaar aan. Het afgelopen musicalseizoen is voor mij een jaar van ontwikkelen geweest. Ik ben een klassiek geschoolde zanger maar ik heb geprobeerd om afscheid te nemen van deze klassieke techniek. De nummers van Sam bijvoorbeeld heb ik veel meer sprekend proberen te zingen. Het gevoel overbrengen is voor mij belangrijk. Daarnaast heb ik gewerkt aan ademsteun en andere zangtechnieken. Deze rol leent zich daar goed voor. Ik heb de rol vaak gespeeld. Iedere keer dat ik op was bracht me iets nieuws.”

Je bent nog niet zo lang in het theater actief. Wat heeft ertoe geleid dat je toch dit werk bent gaan doen?
“Na een korte tijd Frans gestudeerd te hebben ben ik op mijn 19e naar de toneelschool van Maastricht gegaan. Deze heb ik niet afgerond, in mijn 3e jaar ben ik gestopt. Mijn relatie ging uit en ik dacht toen: ik stop tijdelijk, maar ik moest in dienst. Ik heb in mijn diensttijd onbewust een keuze gemaakt: dat theater hoeft niet meer! Vervolgens ben ik het zakenleven ingegaan. Ik was jaren werkzaam en ik leek daarin allerlei talenten te hebben. Ik was ambitieus en werkte hard. Ik stuurde bedrijven met 200 man aan. Totdat ik in 2005 door een feestje van een vriend bij Mamma Mia! in de zaal terecht kwam. Ik had wel eens de Phantom of the Opera gezien maar musical was buiten deze klassieker vreemd voor me. Ik zat in de zaal en ik werd gegrepen. Ik dacht: dit wil ik ook! Toen ‘Hajo Bruins’, die deze avond Sam speelde opkwam wist ik dat zijn rol, mijn rol was. Toen ik Mamma Mia! gezien had ben ik hard gaan werken door lessen te volgen en te auditeren. Dit resulteerde eerst in kleinere rollen in televisieseries en commercials. Na 2 jaar kreeg ik mijn eerste musicalrol in Dirty Dancing. Ik speelde een kleine rol en daarnaast speelde ik ook regelmatig de rol van de vader van Baby. De afwisseling was leuk en leerzaam.”

Je bent nu understudy voor de rol van Sam in Mamma Mia. Hoe is het om als understudy te werken?
“Toen ik auditie deed voor Mamma Mia! dacht ik: het zou me toch niet gebeuren, vijf jaar geleden droomde ik van die rol en straks mag ik Sam misschien spelen! Ik was, toen ik de eerste keer op moest als Sam erg zenuwachtig. Ik wist dat er veel in deze rol zit en dat ik deze rol iets mee kon geven. Ik heb tegen mezelf gezegd bij mijn eerste voorstelling: ‘dit wil je, dus je gaat genieten’. Dit seizoen heb ik de kans gekregen de rol regelmatig te spelen, inmiddels meer dan 60 keer. Vanaf mijn zesde heb ik al op het toneel gestaan als klein mannetje. Het heeft me altijd getrokken, maar doordat ik destijds aan de toneelschool negatieve associaties heb overgehouden heb ik het gevoel weggestopt in een doosje en een strikje erom gedaan. Pas jaren later, na jaren lang persoonlijke ontwikkeling kon ik het strikje er weer af halen. Daar stond ik eindelijk in die mooie rol op dat grote toneel. het voelde als thuiskomen.”

Ben je iemand die iets snel wegstopt? Hoe ga je daarmee om in dit vak?
“Ik kan zeker iets snel wegstoppen. Niet in de zin van: het zint me niet en ik steek m’n kop in het zand. Hiermee bedoel ik dat ik als ik niet door ben bij een auditie, dan kan ik me daar snel overheen zetten. Ik ben niet afhankelijk van mijn musicalwerk zoals mijn collega’s. Als ik afgewezen ben dan heb ik zoiets van oké dat is zo maar ik heb m’n eigen bedrijf en mijn andere opdrachten nog.”

Hoe combineer je die twee banen met elkaar?
“Timemanagement. Ik vind het fijn om bezig te zijn, daar haal ik voldoening uit. Als ik met musical genoeg verdien om in m’n levensonderhoud te voorzien, dan kan ik me daar helemaal op focussen. Op dat punt ben ik nog niet gekomen. Het is soms wel rennen en vliegen. Ik heb het geluk dat ik, sinds ik mijn eigen consultancy bedrijf ben begonnen, voor een groot deel mijn eigen werktijden bepaal. Daardoor kan ik ‘s avonds in het theater staan. Het is soms nog rennen en vliegen, ook omdat ik voldoende tijd wil doorbrengen met mijn partner. De theaterwerktijden zijn niet bevorderlijk voor je sociale leven. In maanden die ik tussen producties vrij ben vind ik het heerlijk om met vrienden af te spreken en leuke dingen te doen. Dat schiet er nu nog wel eens bij in. Ook aandacht voor mijnn kinderen Kimo en Noah vind ik belangrijk.  Ik doe alles omdat ik het leuk vind. Juist de combinatie tussen musical en de zakenwereld bevalt mij, ik wil uitgedaagd worden op verschillende gebieden.”

Als je  één verschil moet noemen tussen de musicalwereld en de zakenwereld wat is dat dan?
“De mentaliteit van ‘voor jou tien anderen’.  In de musicalwereld komt deze mentaliteit erg naar voren, ik merk het bij audities bijvoorbeeld. Vervolgens zijn er de onderhandelingen; hierin kun je als artiest met de producent onderhandelen over je werkomstandigheden en salaris, in die onderhandeling kan het nog mis gaan. In de zakenwereld werkt het andersom, daar bepaal ik zelf de omstandigheden waarin ik werk. Er is voldoende werkgelegenheid dus komt een opdrachtgever daarin niet tegemoet, dan ga ik naar een ander. In de musicalwereld word je snel bewust van jouw positie binnen een productie. Ook zie ik overeenkomsten tussen een bedrijf en een musical. In een bedrijf is er sprake van een hiërarchie; dit geldt ook bij een musical. Je hebt de producent,  regisseur en andere creatives, hoofdrolspelers en ensemble. Deze hiërarchie is merkbaar, maar niet op een vervelende manier. Ik denk er wel eens over na om een boek te schrijven over de overeenkomsten tussen een bedrijf en een musical. Samenwerking is in een musical van groot belang. Als er een conflict is in het bedrijfsleven tussen twee mensen op een afdeling is dit iets tussen die twee mensen. In het theater sta je tegenover het publiek die mee kunnen krijgen hoe jij tegenover de ander staat. Het is daarom ook belangrijk dat een conflict in een productie wordt uitgesproken voordat men de bühne op gaat, er komt gevoel bij kijken. ”

Wat doet het met je dat je onderaan die hiërarchie staat die je net beschreef?
“Ik heb in Mamma Mia! geleerd hoe het is om in een ensemble te staan. Dat ik ondanks de ambitie die ik heb om grotere rollen te spelen, ook daar trots op mag zijn. Ik heb de rol van Sam veel gespeeld dit seizoen, dat was geweldig. Doordat ik understudy ben kan ik in die grote rol meer laten zien. Vroeger toen ik jong was dacht ik: ik wil applaus!  Waar ik gedurende de praktijk achter ben gekomen is dat het applaus mij niet de bevrediging geeft. Ik doe het puur omdat ik het zelf leuk vind, maar ik doe het ook voor het publiek. Ik ben er nu mee bezig dat juist dat publiek een leuke avond moet hebben en plezier beleeft. Daarvoor sta ik er, maar dat verwachte gevoel van applaus blijkt niet mij dat verlangde gevoel te geven, het relativeert. Na een tijd kon ik dus concluderen dat ik zelfwaardering haal uit mijn eigen ontwikkeling en op de planken sta omdat ik het zelf leuk vind. Dat had ik als 20-jarige jongen nooit verwacht toen ik begon op de toneelschool.”

Zijn er nog meer verschillen in hoe je toen met theater bezig was en nu?
“Ik was veel te onzeker. Ik kwam op de toneelschool en deed alles verkeerd. Ik liep verkeerd, praatte verkeerd en m’n houding was verkeerd. Toch namen ze me aan, daar gingen we er 3 jaar lang keihard aan werken. Dat ik op een gegeven moment gestopt ben en iets anders ben gaan doen vind ik achteraf alleen maar goed. Ik heb nu veel meer bagage. Ik kan nu iets handelen. Als iemand feedback heeft op mijn prestaties dan zegt dat niets over mij als persoon, dat zegt iets over mijn handelen. Vroeger betrok ik die kritiek op mezelf, nu kan ik dat relativeren daarom is het voor mij goed dat ik pas op m’n 35e begonnen ben met dit werk. Er zijn nu collega’s die zeggen dat ze het heerlijk vinden om met me werken. Ze kunnen bijna alles tegen me zeggen. Ik sta daardoor open voor verbetering, dus ik leer. Ik heb bijvoorbeeld met Lone heel veel gezeten om te werken aan de rol van Sam. Iedere voorstelling kreeg ik notes na afloop, ik heb daar erg veel aan gehad. Het openstaan voor feedback verbetert prestaties.”

Wat zijn je ambities?
“Er zijn nog zoveel dingen die ik wil doen! Ik wil mezelf blijven ontwikkelen op zakelijk en creatief vlak. Ik zou graag in een film een dramatische rol willen spelen. Een vaste rol in een dramaserie lijkt me wel wat. Binnenkort ben ik weer te zien in Goede tijden, Slechte tijden. Volgend seizoen ben ik niet in het theater te zien, hopelijk komt er nog iets op m’n pad. Ik wil me focussen op kleinere projecten omdat ik twee jaar lang fulltime in een grote productie gespeeld heb. Welke rol zeker op mijn verlanglijstje staat is de kapelaan in de ‘Hunchback of the Notre Dame.’ Het is echt een droomrol. Ensemble ligt minder binnen mijn ambitie maar als ik een mooie understudy met speelgarantie krijg overweeg ik dat. Ik ga zien wat de toekomst mij gaat brengen, voorlopig ligt alles open.”

Shortlist:


Geplaatst op: 19/07/2010
Geplaatst in: > Interviews

Mogelijk ook interessant: