Vrijdagmiddag Buitenveldert. In gesprek met Marijn Brouwers - Musical Reports

Vrijdagmiddag Buitenveldert. In gesprek met Marijn Brouwers

Het was vrijdagmiddag in Buitenveldert, en lekker warm op het terras. Musical Reports sprak er met Marijn Brouwers over zijn voorstelling Beste Meneer Halsema: een kleine solovoorstelling die de komende twee maanden op verschillende plekken in Nederland te zien is.

Wat: Beste Meneer Halsema
Wie: Marijn Brouwers
Wanneer: 6 mei 2011
Door: Neeltje Knaap

Wat heb je sinds Op Zoek Naar Zorro allemaal gedaan?

“Ik heb de eerste twee dagen wel een beetje een katerig gevoel gehad nadat ik er uit ging, maar ik ben volgens mij letterlijk de eerste week na OZNZ begonnen met het maken van het Frans Halsema programma voor de maanden april en mei. Ik heb theaters gebeld, afspraken gemaakt met mijn pianist en mijn regisseur… Een paar dagen nadat ik uit Zorro was kreeg ik al groen licht voor een interview en optreden bij Tijd voor Max. Verder heb ik een paar voiceover-dingen ingesproken en heb ik auditie gedaan voor Fiyero in Wicked én voor Erik in Soldaat van Oranje. Van deze laatste auditie heb ik tot de dag van vandaag niks gehoord, maar dat zou per mei zijn dus ik neem aan dat dat niet meer doorgaat. En ik geef altijd een paar maanden per jaar les aan het conservatorium in Haarlem en daar ben ik net weer mee begonnen. Ze zijn daar nu hun eindexamenvoorstelling aan het maken. Mijn weken zien er over het algemeen uit dat ik ongeveer drie en een halve dag of meer bezig ben met Halsema – of meer, daar gaat best veel tijd in zitten omdat ik daarvoor alles zelf regel – en de resterende tijd dus met het op een creatieve manier verdienen van geld. En dat lukt redelijk.”

Wie was Frans Halsema?

“Frans Halsema was een jongeman – en hij is ook een jongeman gebleven, omdat hij op zijn vierenveertigste jaar is overleden in 1984 – die met name in de jaren ’70 en ’80 heel beroemd was in Nederland, die cabaretier was, die onder andere een duo had met Gerard Cox, en een trio met Gerard Cox en Adèle Bloemendaal. Hij had eigen radio- en tvprogramma’s. Eigenlijk was het een alleskunner, maar zeker ook een heel populair iemand. Op het hoogtepunt van zijn roem besloot hij solo te gaan, en werd hij vooral een liedjeszanger en een one-man-cabaretier. Mensen kunnen hem vooral kennen van liedjes als Vluchten Kan Niet Meer (een duet met Jenny Arean), Voor Haar, en Zondagmiddag Buitenveldert.  Die nummers staan nog steeds in de Top2000, en daarom leeft hij eigenlijk nog steeds voort.”

Het zou heel goed kunnen dat de huidige generatie nog nooit echt van Halsema heeft gehoord…

“Ik schrik eigenlijk altijd een beetje als ik merk dat mensen niet weten wie het was. En ik heb de neiging het niet te willen geloven. En daarmee is eigenlijk ook één van de motieven geboren om er iets mee te gaan doen. Het zijn zúlke mooie liedjes gewoon! Hele kleine verhaaltjes. Hij had een prachtige stem – die is er nu niet meer dus we zullen het met mijn stem moeten doen – maar zijn liedjes zijn er nog wel. Ik vind het ook liedjes die niet aan vroeger gebonden zijn. Het zijn vaak, zoals bij liefdesliedjes als Voor Haar, Van Eeghenstraat en Meneer De Bruin, verhaaltjes waar mensen zich nu nog in kunnen herkennen. Dus ik vond dat het tijd werd om er iets mee te doen. En sinds dat ik er mee bezig ben is het ook een soort held voor me geworden.”

Waarom juist Frans Halsema? Waarom niet bijvoorbeeld Robert Long of Wim Sonneveld?

“Ik weet niet precies wat dat is. Er hangt iets om Frans Halsema heen wat met poëzie te maken heeft. Een soort dromerigheid. Dat triggert mij heel erg. Bij Frans Halsema denk ik aan iemand die symbool staat voor gedichtjes, poëtische gedachten, slimme overdenkingen… En dat is wat ik heel erg mooi vind. Maar feit dat het vroeger bij ons thuis al gedraaid werd zal ongetwijfeld ook meespelen. Wat ik de laatste anderhalf jaar heb, sinds ik weet dat ik hier wat mee ga doen, is dat ik vaak de neiging heb om me ook met de persoon Frans Halsema te vergelijken. Ik ben nu tien jaar van de Kleinkunstacademie en ik denk vaak: wat bén ik nou eigenlijk? Ben ik een musicalzanger? Een acteur? Een theatermaker? Wil ik liever liedjes schrijven of toch liever kinderboekentekenaar worden, ik noem maar wat… En die veelzijdigheid, dat is wel wat Halsema zelf ook had. Op het hoogtepunt in zijn carrière besluiten dat hij geen radiobelspelletjes meer na wilde doen met Gerard Cox. Of ineens in een musical (En Nu Naar Bed – Annie MG Schmidt – red) belanden en die dan 300 keer spelen. Ik heb nu vaak het gevoel dat je vaak in één keer raak moet kiezen, en ik ben best wel een zoekend iemand. Ik vind het zo leuk aan mijn vak dat je dat in verschillende vormen kan doen. Daarin zie ik in Halsema wel een bondgenoot; Halsema deed het ook zo, dus het mag best. En dan heb ik het nog niet gehad over de toevalligheden: ik heet net als zijn zoon Marijn, ik woon op de Looiersgracht net als hij toendertijd, en ik oefen elke woensdagmiddag op de nummers met mijn vaste pianist. Hij bleek ook op de woensdagmiddag de nummers in te studeren, op nog geen tien meter afstand van waar ik dat deed. Dat kan bijna geen toeval zijn.”

Wanneer kwam je voor het eerst in aanraking met het werk van Frans Halsema?

“Ik kende zijn naam al van vroeger thuis. Op de Kleinkunst heb ik een cd’tje van hem gekocht, maar echt vaak draaide ik dat niet. Het begon pas écht zo’n anderhalf jaar geleden toen ik met studenten een hommage had gemaakt met liedjes van Sonneveld en Halsema. Toen hoorde ik voor het eerst het liedje De Sneeuwman, en dat is een liedje wat ik qua tekst zo ontzettend mooi vind… Dat was voor mij precies ráák. Het is maar heel klein, maar het gaat wat mij betreft over het hele leven, en de nutteloosheid ervan. Hoe niks het eigenlijk allemaal voorstelt, en hoe hard we bezig zijn het allemaal iets te laten voorstellen.”

Zijn nummers zijn geschreven tussen 1960 en 1984. Zijn ze niet wat ouderwets voor de tijd van nu?

“Ik denk eigenlijk van niet. Ja, natuurlijk zijn er sommige tekstuele dingetjes die niet helemaal actueel meer zijn, bijvoorbeeld in Verdomme Kees; daarin zingt hij: “Carmiggelt schrijft nog steeds in het Parool”. Daarin is het natuurlijk gedateerd. Maar verder zijn het verhaaltjes die ook in deze tijd nog heel goed kunnen. In mijn voorstelling zing ik de liedjes vanuit mijzelf, met een ander arrangement, en vanuit het hier en nu. Dat maakt het wel wat frisser. Ik heb er geen beelden van vroeger bij, want ik bestond toen nog niet. Mar ik wil ook niet ontkennen dat het iets van toen. In mijn voorstelling zit ook een nummer uit 1968 dat écht niet meer van deze tijd is. Ik vind het dan juist om zo iets erin te stoppen. Het mag wel een beetje smaken naar iets. En het mag ook meer worden dan het feest der herkenning.”

Wat leg je van jezelf in de voorstelling?

“Ik dacht: stel dat ik nou elke dag naar beneden loop naar de brievenbus en daar een brief in de brievenbus doe aan Frans Halsema. Daarop zei iemand: “oh, net alsof het een soort biecht is, net als in de biechtstoel bij de pastoor.” Dat idee vond ik eigenlijk zo mooi… Volgens mij doe je dat ook als je fan bent van iemand of een held hebt. Ik zoek daar toch troost in, een soort steun en toeverlaat. Het is een soort metafoor geworden ook maar heel veel over mijzelf te kunnen vertellen. Ik maak ook uitstapjes naar verhalen die ik hem meegemaakt. En uiteindelijk gaat het ook gewoon over een jongen die alleen is en hoopt steun te vinden in iemand die er dan misschien wel niet meer is, maar dat is wel letterlijk wat er gebeurt. Ik vind ook echt troost in de liedjes van Frans Halsema. Ik ga hem ook niet nadoen, net als je bijvoorbeeld ziet bij de musical Toon. Het is geen verhaal van A naar Z. Het is de kunst van het vertellen van een verhaal, met daarbij liedjes, en dat je door het verhaal weer heel anders naar het liedje gaat kijken, waardoor het ook weer veel actueler wordt.”

Waarom moeten mensen komen kijken?

“Ja, kom kijken! Ook als je Frans Halsema nog niet kent. Ik hoor weleens dat mensen zeggen: “Oh, je gaat Frans Halsema De Musical maken, zoals jij het zingt”, maar dat is niet helemaal zo. Dat ligt misschien een beetje aan mijn sound; ik heb dan wel de Kleinkunstacademie gedaan maar ik kan ook wel bulken. Dat doe ik soms ook wel, hoewel de nummers zich er lang niet allemaal voor lenen. Ik vind de kleine en intieme dingen juist heel erg mooi. Mijn missie is om de ogen, en voorál de oren weer een beetje open te maken. Alles moet maar groots en snel en met effecten in de theaterwereld… Ik ga het vrij klein en sober aanpakken.”

Wat zijn je plannen na je tour?

“Dat is een hele goede vraag. Ik wil eigenlijk proberen dit een vervolg te geven. Als we van deze tien voorstellingen er tachtig van zou kunnen maken, dan ben ik de gelukkigste jongen op aarde. Dat zou dan wel voor volgend seizoen zijn.”

“Het liefst sta ik op het toneel en zing ik. Dat hoeft niet per sé in een musical – mag wel – maar als ik merk hoe leuk ik dit vind… Dan sta ik liever in een zaaltje voor 60 man met mijn eigen ding dan dat ik in een musical sta in het Circustheater als derde boom van achteren. En dat betekent niet dat ik nooit meer ensemble wil doen of nooit meer understudies, dat wil ik zeker doen. Maar ik ga er wel wat selectiever mee om. En dat komt een beetje door Zorro, en dat komt ook wel een beetje omdat ik nu voel hoe geweldig ik dit nu vind. Dus misschien is het ook wel echt tijd om nu mijn eigen koers te kiezen. Ik wil zo graag iets toevoegen aan de levens van de mensen die komen kijken. Ik hoop natuurlijk dat heel veel mensen dit geweldig vinden. Maar je kan het niet afdwingen.”

En je ambities op langere termijn?

“Als de musical Company ooit nog naar Nederland komt dan zou ik daarin willen spelen.  En wat Halsema betreft: Ik zou hiermee heel graag een cd willen maken. Misschien met een klein combo in plaats van alleen een piano. En dus een grotere tour door heel Nederland zodat iedereen de kans kan krijgen om het te komen bekijken.”

De foto’s bij dit interview zijn gemaakt in de Amsterdamse wijk Buitenveldert: de wijk die Frans Halsema in één van zijn bekendste liedjes bezong.
Klik op de foto’s om ze te vergroten

Shortlist:


Geplaatst op: 16/05/2011
Geplaatst in: > Interviews

Mogelijk ook interessant: